Natuur behang: breng de buitenwereld naar binnen
Waarom we de natuur steeds opnieuw naar binnen halen Planten in de woonkamer, bloemen op het behang, hout, steen, landschappen en organische vormen. Tegenwoordig noemen we het graag biophilic design, maar onze fascinatie voor natuur in het interieur is allesbehalve nieuw. Al eeuwenlang gebruiken mensen afbeeldingen en vormen uit de natuur om hun leefomgeving te verfraaien. Van Romeinse muurschilderingen tot het werk van William Morris: telkens opnieuw vormt de natuur een van onze belangrijkste inspiratiebronnen voor het interieur. Van landschap naar interieur Lang voordat er behang bestond, werden binnenmuren al gebruikt om landschappen, planten en tuinen af te beelden. In Romeinse villa's werden fresco's gebruikt om complete interieurs te decoreren. Het Metropolitan Museum of Art beschrijft Romeinse wandschilderingen met voorstellingen van villa's, landschapstuinen, bossen, heuvels, water, rivieren en kustlijnen. In sommige Romeinse schilderstijlen werd bovendien perspectief gebruikt om de suggestie te wekken dat de architectuur zich achter de muur voortzette. De muur werd zo meer dan een begrenzing van de ruimte. Hij kon een denkbeeldig uitzicht worden. [1] Bloemen behoren tot de oudste behangmotieven Behang zoals wij dat kennen ontstond in Europa vanaf de zestiende eeuw. Volgens het Victoria and Albert Museum waren gestileerde bloemen en eenvoudige voorstellingen al te vinden op de vroegste voorbeelden. In de achttiende eeuw werd de techniek verfijnder en konden veelkleurige patronen worden gemaakt. Rozen en anjers behoorden tot de populairste motieven, naast landschappen, bloemen en insecten. [2] De natuur zat dus vanaf het begin in het DNA van behang. Een complete tuin op de muur Vanaf het einde van de zeventiende eeuw verschenen in Europa ook kostbare, met de hand beschilderde Chinese wandpapieren. Ze waren heel anders dan de repeterende Europese patronen. De afbeeldingen konden zich over een hele kamer uitstrekken en bestonden onder andere uit bloeiende bomen, planten, vogels, vlinders en landschappen. Volgens het Victoria and Albert Museum groeiden deze Chinese wanddecoraties uit tot een belangrijke luxe wandbekleding in Europa. [2] Feitelijk gebeurde hier iets wat we tegenwoordig opnieuw doen met grootformaat murals: de wand werd een landschap. William Morris keek naar wat er buiten groeide In de negentiende eeuw kreeg de relatie tussen natuur en interieur een nieuwe impuls door William Morris. Zijn beroemde patronen waren sterk geïnspireerd op planten die hij daadwerkelijk om zich heen zag. Het ontwerp Trellis ontstond vanuit het rozenlatwerk in de tuin van Red House, zijn woning in Kent. Voor Willow Bough gebruikte Morris tekeningen van wilgentakken die hij maakte bij Kelmscott Manor. Het Victoria and Albert Museum omschrijft zijn werkwijze als een directe observatie van de organische vormen en lijnen uit de natuur. In plaats van alleen exotische bloemen te tekenen, gebruikte Morris juist planten uit Britse tuinen, velden en heggen. [3] Dat maakt zijn ontwerpen ruim een eeuw later nog steeds herkenbaar. Niet omdat ze de natuur letterlijk kopiëren, maar omdat ze haar ritme, groei en herhaling vertalen naar een patroon. Waarom voelen we ons zo aangetrokken tot natuur? De moderne wetenschap probeert die relatie tussen mens en natuur ook te verklaren. Een bekende theorie is de biophilia-hypothese, onder andere ontwikkeld door bioloog Edward O. Wilson. Die hypothese stelt dat mensen een aangeboren neiging zouden kunnen hebben om aandacht te besteden aan leven en natuurlijke processen. Belangrijk is het woord hypothese. Het is geen onomstotelijk bewezen biologische wet. Wel bestaat inmiddels een aanzienlijke hoeveelheid onderzoek naar de effecten van natuur en natuurlijke omgevingen op hoe mensen zich voelen. [4] Een meta-analyse uit 2022 onderzocht 49 studies met in totaal 3.201 deelnemers. De onderzoekers vonden dat blootstelling aan natuurlijke omgevingen samenhing met meer positieve emoties en minder negatieve emoties. De resultaten bieden daarmee ondersteuning voor een deel van de theorie achter biophilic design. [4] Een raam met bomen of een bakstenen muur Een van de bekendste onderzoeken naar natuur en de gebouwde omgeving werd in 1984 gepubliceerd door omgevingspsycholoog Roger Ulrich. Hij vergeleek 23 ziekenhuispatiënten met uitzicht op een natuurlijke omgeving met 23 vergelijkbare patiënten die vanuit hun kamer tegen een bakstenen gebouw aankeken. De patiënten met uitzicht op natuur hadden gemiddeld een kortere postoperatieve ziekenhuisopname, kregen minder negatieve opmerkingen in de verpleegkundige rapportages en gebruikten minder sterke pijnstillers. [5] Het onderzoek was klein en mag niet zomaar worden vertaald naar iedere interieurtoepassing. Maar het was wel belangrijk omdat het aantoonde dat wat we zien vanuit onze omgeving relevant kan zijn voor onze beleving en ons herstel. Natuur binnen werkt op verschillende manieren Sindsdien is veel meer onderzoek gedaan. Een systematische review uit 2020 concludeerde dat blootstelling aan natuur in de onderzochte studies overwegend samenhing met vermindering van zowel ervaren als fysiologische stress. [6] Ook voor binnenruimtes bestaan aanwijzingen. In een experiment gepubliceerd in Environment International werden proefpersonen blootgesteld aan verschillende virtuele interieurs. De deelnemers in de biophilic ontworpen omgevingen lieten na een stressprikkel gunstiger herstelreacties zien dan deelnemers in de niet-biophilic omgeving. [7] Dat betekent overigens niet dat een print van een blad automatisch hetzelfde effect heeft als een wandeling door het bos. Wel laat het zien dat de inrichting van onze directe omgeving ertoe doet. Natuur hoeft niet letterlijk groen te zijn De natuur naar binnen halen betekent gelukkig niet dat iedere woonkamer in een botanische jungle moet veranderen. De verbinding kan ook subtiel zijn. Denk aan zandkleuren, diepe aardetinten, een abstract patroon gebaseerd op water, schaduwen van bladeren, grillige steenstructuren of de ritmische herhaling van bloemen en takken. Binnen biophilic design wordt dan ook niet alleen gekeken naar echte planten of rechtstreeks uitzicht op natuur. Ook vormen, materialen, patronen en andere verwijzingen naar natuurlijke processen kunnen onderdeel zijn van het ontwerp. Juist die interpretatie vinden wij bij Decorazzi interessant. Een natuurmotief kan uitgesproken en kleurrijk zijn, maar ook rustig opgaan in het interieur. Een groot landschap kan een wand visueel openen, terwijl een verfijnd patroon van bladeren of bloemen juist ritme en samenhang kan toevoegen. De natuur schrijft tenslotte zelf ook geen vaste interieurstijl voor. De muur als nieuw uitzicht Niet iedere woning heeft uitzicht op een bos, tuin of landschap. Juist daardoor kan de wand een bijzondere rol krijgen in de beleving van een interieur. Met kleur, schaal en beeld kan een grote wand veel meer worden dan een achtergrond voor de bank. Natuur behang brengt vormen, kleuren en beelden uit de natuurlijke wereld naar binnen. Onderzoek naar natuurbeleving en biophilic ingerichte omgevingen suggereert dat natuurlijke elementen een positieve rol kunnen spelen in hoe we een ruimte ervaren. Maar minstens zo belangrijk is iets dat moeilijk in cijfers is uit te drukken: natuur blijft ons inspireren. Een eeuwenoud verlangen in een nieuwe vorm Van Romeinse landschappen en achttiende-eeuwse bloemenwanden tot William Morris en het hedendaagse biophilic design: door de eeuwen heen zoeken ontwerpers steeds opnieuw naar manieren om de natuur onderdeel te maken van onze leefomgeving. De technieken veranderen. De stijlen veranderen. De natuur blijft. Bloemen, bladeren, landschappen en organische vormen worden telkens opnieuw getekend, geschilderd, gestileerd en geïnterpreteerd. De natuur is geen interieurtrend voor één seizoen. Ze is al eeuwen een van onze grootste inspiratiebronnen. Bronnen Victoria and Albert Museum, A brief history of wallpaper en William Morris and wallpaper design. The Metropolitan Museum of Art, Roman Painting. Ulrich, R.S. (1984), Science, onderzoek naar uitzicht op natuur en herstel. Gaekwad et al. (2022), Frontiers in Psychology, meta-analyse over biophilia en emoties. Shuda et al. (2020), Complementary Therapies in Medicine, review naar natuur en stress. Yin et al. (2020), Environment International, onderzoek naar biophilic interieurs en stressherstel.

